Tafseer van De Rook · Ad-Dukhaan · 44:25
Hoeveel tuinen en bronnen lieten zij niet achter.
Belangrijk: De Arabische brontekst is altijd leidend. Deze vertaling is een studiehulp en is niet geverifieerd door geleerden — gebruik haar niet als bron voor religieuze bewijsvoering of het afleiden van oordelen (ahkam). Raadpleeg bij twijfel altijd de Arabische tekst en een bevoegde geleerde.
Uitleg over de woorden van de Verhevene: "Hoeveel tuinen en bronnen lieten zij achter!" (44:25)
De Verhevene, wiens gedachtenis verheven is, zegt: hoeveel lieten Farao en zijn volk van de Kopten achter, na hun ondergang en nadat Allah hen had verdronken, aan tuinen en bomen — en dat zijn de "tuinen" (jannāt) — en bronnen, dat wil zeggen: bronaders die in hun tuinen opwelden, en staande gewassen op hun akkers.