Tabari
Terug naar onderwerpen

Qitāl (Gewapende strijd)

De qitāl-verzen (gewapende strijd), met telkens de uitleg van at-Tabari zélf. Lees elk vers volledig in zijn tafsir.

Deze verzen zijn thematisch gegroepeerd als startpunt — niet als losse oordelen. Een vers krijgt zijn volledige betekenis pas in context: de verzen ervoor en erna, de aanleiding van openbaring (asbāb an-nuzūl) en de uitleg van de geleerden. Lees elk vers daarom volledig via de tafsir, en raadpleeg bij vragen een bevoegde geleerde.

Gerelateerde ayat

  1. 2:190

    وَقَٰتِلُوا۟ فِى سَبِيلِ ٱللَّهِ ٱلَّذِينَ يُقَٰتِلُونَكُمْ وَلَا تَعْتَدُوٓا۟ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ لَا يُحِبُّ ٱلْمُعْتَدِينَ

    At-Tabari geeft twee uitlegmeningen: (1) het eerste vers over strijd — "bevecht wie u bevecht, onthoud u van wie zich onthoudt" — later opgeheven door Barāʾa; (2) niet opgeheven, en "overtreed niet" omvat Allahs verbod op het doden van vrouwen en kinderen.

  2. 9:5

    فَإِذَا ٱنسَلَخَ ٱلْأَشْهُرُ ٱلْحُرُمُ فَٱقْتُلُوا۟ ٱلْمُشْرِكِينَ حَيْثُ وَجَدتُّمُوهُمْ وَخُذُوهُمْ وَٱحْصُرُوهُمْ وَٱقْعُدُوا۟ لَهُمْ كُلَّ مَرْصَدٍۢ ۚ فَإِن تَابُوا۟ وَأَقَامُوا۟ ٱلصَّلَوٰةَ وَءَاتَوُا۟ ٱلزَّكَوٰةَ فَخَلُّوا۟ سَبِيلَهُمْ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ غَفُورٌۭ رَّحِيمٌۭ

    At-Tabari: de bedoelde polytheïsten zijn "degenen die géén verbond hebben, of die hun verbond verbroken hebben door de vijand bij te staan tegen de Boodschapper". Tonen zij berouw, gebed en zakāh: "laat hun weg dan vrij".

  3. 9:6

    وَإِنْ أَحَدٌۭ مِّنَ ٱلْمُشْرِكِينَ ٱسْتَجَارَكَ فَأَجِرْهُ حَتَّىٰ يَسْمَعَ كَلَٰمَ ٱللَّهِ ثُمَّ أَبْلِغْهُ مَأْمَنَهُۥ ۚ ذَٰلِكَ بِأَنَّهُمْ قَوْمٌۭ لَّا يَعْلَمُونَ

    At-Tabari: zelfs "degenen die Ik jou heb bevolen te bestrijden" — vraagt zo iemand bescherming om Allahs woord te horen, "schenk hem dan veiligheid", en breng hem daarna veilig terug, óók als hij de islam weigert.

  4. 9:7

    كَيْفَ يَكُونُ لِلْمُشْرِكِينَ عَهْدٌ عِندَ ٱللَّهِ وَعِندَ رَسُولِهِۦٓ إِلَّا ٱلَّذِينَ عَٰهَدتُّمْ عِندَ ٱلْمَسْجِدِ ٱلْحَرَامِ ۖ فَمَا ٱسْتَقَٰمُوا۟ لَكُمْ فَٱسْتَقِيمُوا۟ لَهُمْ ۚ إِنَّ ٱللَّهَ يُحِبُّ ٱلْمُتَّقِينَ

    At-Tabari: met polytheïsten met wie een verbond is gesloten (bij de Masjid al-Ḥarām) moet het verbond worden nagekomen "zolang zij zich correct gedragen tegenover de gelovigen".

  5. 2:191

    وَٱقْتُلُوهُمْ حَيْثُ ثَقِفْتُمُوهُمْ وَأَخْرِجُوهُم مِّنْ حَيْثُ أَخْرَجُوكُمْ ۚ وَٱلْفِتْنَةُ أَشَدُّ مِنَ ٱلْقَتْلِ ۚ وَلَا تُقَٰتِلُوهُمْ عِندَ ٱلْمَسْجِدِ ٱلْحَرَامِ حَتَّىٰ يُقَٰتِلُوكُمْ فِيهِ ۖ فَإِن قَٰتَلُوكُمْ فَٱقْتُلُوهُمْ ۗ كَذَٰلِكَ جَزَآءُ ٱلْكَٰفِرِينَ

    At-Tabari: "doodt diegenen onder de polytheïsten die de strijd tégen u voeren, waar gij hen ook aantreft", en verdrijf wie ú verdreven. ("De fitna is erger dan het doden" = de shirk.)

  6. 2:192

    فَإِنِ ٱنتَهَوْا۟ فَإِنَّ ٱللَّهَ غَفُورٌۭ رَّحِيمٌۭ

    At-Tabari: "Indien de ongelovigen die jullie bestrijden ophouden met jullie te bestrijden … en berouw tonen, dan is Allah Vergevingsgezind, Barmhartig."

  7. 47:4

    فَإِذَا لَقِيتُمُ ٱلَّذِينَ كَفَرُوا۟ فَضَرْبَ ٱلرِّقَابِ حَتَّىٰٓ إِذَآ أَثْخَنتُمُوهُمْ فَشُدُّوا۟ ٱلْوَثَاقَ فَإِمَّا مَنًّۢا بَعْدُ وَإِمَّا فِدَآءً حَتَّىٰ تَضَعَ ٱلْحَرْبُ أَوْزَارَهَا ۚ ذَٰلِكَ وَلَوْ يَشَآءُ ٱللَّهُ لَٱنتَصَرَ مِنْهُمْ وَلَٰكِن لِّيَبْلُوَا۟ بَعْضَكُم بِبَعْضٍۢ ۗ وَٱلَّذِينَ قُتِلُوا۟ فِى سَبِيلِ ٱللَّهِ فَلَن يُضِلَّ أَعْمَٰلَهُمْ

    At-Tabari: gericht over "hen die ongelovig zijn, behorend tot de oorlogvoerenden"; bind gevangenen, "daarna óf begenadiging óf vrijkoping". (De geleerden verschillen of dit laatste is afgeschaft.)

  8. 2:193

    وَقَٰتِلُوهُمْ حَتَّىٰ لَا تَكُونَ فِتْنَةٌۭ وَيَكُونَ ٱلدِّينُ لِلَّهِ ۖ فَإِنِ ٱنتَهَوْا۟ فَلَا عُدْوَٰنَ إِلَّا عَلَى ٱلظَّٰلِمِينَ

    At-Tabari: "bestrijd de polytheïsten die jullie bestrijden, totdat er geen fitna meer is" — dat wil zeggen: geen shirk meer, en de aanbidding behoort Allah alleen toe.

  9. 8:67

    مَا كَانَ لِنَبِىٍّ أَن يَكُونَ لَهُۥٓ أَسْرَىٰ حَتَّىٰ يُثْخِنَ فِى ٱلْأَرْضِ ۚ تُرِيدُونَ عَرَضَ ٱلدُّنْيَا وَٱللَّهُ يُرِيدُ ٱلْءَاخِرَةَ ۗ وَٱللَّهُ عَزِيزٌ حَكِيمٌۭ

    At-Tabari: dit gold "slechts … over de gevangenen van Badr"; daarna gaf Allah de keuze (47:4): "óf begenadiging, óf losgeld".